Horrorcruise komt ten einde


“Dit gun je niemand”, “Ik was bijna overboord gesprongen”, “De koeling deed het niet dus we hadden geen koud bier”. Zomaar een paar reacties van passagiers aan boord van de Horrorcruise in de Oostzee.

Het had een sprookje moeten worden voor de familie Zijlstra uit Zoetermeer. “Een soort tweede hunniemoen,” zegt een duidelijk aangeslagen mevrouw Zijlstra-Beukenoot die overigens zeer gebrekkig Engels spreekt. “Maar dat liep anders, is het niet?” proberen wij voorzichtig. “Meneer, het was een ramp.”

Eerst even wat feiten. Ongeveer een week geleden voer de MSC Opera uit voor een cruise door de Oostzee. Je vraagt je wellicht af wat een mens daar te zoeken heeft maar daar gaat het nu even niet om. Er waren 2000 mensen bereid gevonden om te betalen voor deze boottocht waaronder veel landgenoten. Landgenoten die, naar nu blijkt, een onvergetelijke reis zouden beleven.

Niet echter zoals ze zich hadden voorgenomen. Terug naar de familie Zijlstra die ons bereidwillig te woord staat ondanks alle ellende die ze is overkomen. “Wat is er precies gebeurd?” pakken we de draad weer op. “Het begon allemaal goed,” zegt mevrouw Zijlstra “maar toen ging het mis”. “Helemaal mis,” valt haar man haar bij.

“Eerst dachten we dat het schip voor anker ging op een stuk open zee, dat ie daarom niet verder voer,” vertelt de heer Zijlstra die de reis had geboekt als cadeau voor zijn vrouw. “Twee-en-twintig jaar zijn we getrouwd meneer, twee-en-twintig jaar.” Hierna dwaalt de heer Zijlstra even af en begint een betoog over de waarden en de plichten van het huwelijk en hoe mevrouw Zijlstra -Connie- daar haar geheel eigen invulling aan geeft. We laten de heer Zijlstra even uitrazen en brengen het gesprek terug op de cruise. “Wat ging er mis?” vragen we en het antwoord liegt er niet om. “Eerst dachten we dat ze gewoon het programma hadden veranderd,” zegt meneer Zijlstra. “Dat was wel jammer want we zouden die avond eigenlijk aanleggen in, kom hoe heet dat ook al weer, nou ja, ergens waar we een romantische zonsondergang zouden kunnen zien,” gaat mevrouw verder. “Maar ja, misschien dat het dolfijnen kijken nu was ingelast. Dat zou toch kunnen?” We negeren de vragende blik van Connie en dringen aan om ter zake te komen: “Wat ging er mis?”

“Nou ja, wat bleek was dat de motoren het niet meer deden,” zegt de heer Zijlstra uiteindelijk. Het hoge woord is eruit, de motoren deden het niet. En wat blijkt, beste lezers, die motoren zijn er niet alleen om het drijvende gevaarte vooruit te bewegen. Nee, die motoren zijn er in feite voor alles aan boord. Elektriciteit bijvoorbeeld. Geen motoren betekent geen elektriciteit. En dat betekent geen licht, geen airco, geen koeling, geen niks. “Inderdaad,” zegt de heer ZIjlstra, “geen koeling.” Begrijp je wat dat betekent man, geen koeling, dat betekent lauw bier.” “En lauw bier vind ik niet te zuipen!” De heer Zijlstra begint nu emotioneel te worden, de ervaring is duidelijk nog vers.

Andere voorzieningen aan boord van een cruise die stroom nodig hebben zijn WC’s. Als je twee dagen lang 2000 mensen naar de WC laat aan zonder door te trekken dan krijg je een psychologisch expiriment. “De stank was ondraaglijk,” klaagt Connie. Een eerste traan welt op in haar linkeroog. “Als Henk thuis naar de plee gaat, blijf ik al een uur uit de buurt maar nu lag er voor twee dagen schijt van die man in de pot. De verf smolt van de muren!” Connie laat haar decorum nu geheel zakken en laat haar emoties de vrije loop.
Maar Henk ging tenminste nog naar de WC. Anderen hingen de bips over de reling om hun behoefte te doen. “Wij hadden een hut op een van de onderste dekken dus je begrijpt wel dat het geen fraai gezicht was als we vanuit onze hut omhoog keken.” Wij begrijpen het maar vinden het tijd om het gesprek te beëindigen omdat we wel wat beters te doen hebben en stellen nog een laatste vraag: “En hoe nu verder?” De heer Zijlstra is weer wat bij zinnen gekomen en antwoordt: “Nu eerst naar huis om iedereen te vertellen wat we hebben meegemaakt. We hebben van MSC als vergoeding een nieuwe cruise aangeboden gekregen. Ik denk dat we in september gaan.”
“Ik heb er zin in,” valt mevrouw Zijlstra haar echtgenoot bij.